De smartphone verliest met elke softwareupdate een stukje van zijn ziel en dat is geen toeval. In de wandelgangen noemen we dit fenomeen gepland verouderen, een strategie waarbij fabrikanten apparaten doelbewust trager maken. Je installeert het nieuwste besturingssysteem en plotseling reageert het toetsenbord net een fractie trager, terwijl de camera met een voelbare aarzeling opent. Apple lijkt dit patroon dit najaar met de introductie van iOS 27 te willen doorbreken door juist oude toestellen een onverwachte verjongingskuur te geven. Dit is geen liefdadigheid, maar een harde commerciële heroriëntatie die inspeelt op veranderend consumentengedrag.
Het Amerikaanse techmagazine Wired dook in de technische details achter deze belofte en legde bloot dat de winst niet zit in spectaculaire nieuwe functies, maar in het reviseren van de motorruimte. Het openen van apps verloopt op een model zoals de iPhone 11 uit 2019 tot wel 30% sneller. Het openen van de fotobibliotheek direct na het schieten van een plaatje gaat op recentere modellen zelfs tot 70% vlotter. De bestandsoverdracht via AirDrop (de draadloze deelfunctie van Apple voor documenten en media) vertoont een snelheidsinstroom tot maar liefst 80%.
De sleutel tot deze versnelling ligt bij een onzichtbaar maar cruciaal onderdeel van het besturingssysteem genaamd de CPU scheduler. Dit systeem functioneert als de verkeersregelaar van de processor en bepaalt welke app of achtergrondtaak op welk moment rekenkracht krijgt toegewezen. In de loop der jaren heeft Apple geavanceerde algoritmen ontwikkeld om deze verkeersstromen efficiënter te leiden op de nieuwste chips. Met de komende update worden diezelfde logische structuren en algoritmische verfijningen met terugwerkende kracht toegepast op de oudere processoren. De focus ligt hierbij volledig op de taak die de gebruiker op dat moment voor ogen heeft, zodat de interface directer en responsiever aanvoelt.
Achter deze schijnbare vrijgevigheid schuilt uiteraard een strakke commerciële strategie. Analisten wijzen erop dat consumenten hun toestellen tegenwoordig beduidend langer vasthouden door de stijgende aanschafprijzen van hardware. Door telefoons van 6 jaar oud soepel te houden voorkomt Apple dat gefrustreerde gebruikers overstappen naar de concurrentie. Een tevreden bezitter van een oudere iPhone blijft immers binnen het ecosysteem en is sneller geneigd om randapparatuur zoals oortjes of een slim horloge aan te schaffen. Bovendien blijft zo de toegangspoort openstaan naar de lucratieve dienstenenveloppe van het bedrijf, waar miljarden worden verdiend met abonnementen voor muziek, opslag en entertainment.
Er zit wel een duidelijke grens aan de mildheid van de techreus. Hoewel de basistaken op een ouder toestel vlotter zullen verlopen, blijven de echt grote vernieuwingen exclusief voorbehouden aan de allernieuwste hardware. De zogeheten Apple Intelligence functies (de nieuwe functies op het gebied van kunstmatige intelligentie) waaronder de volledig herziene en slimmere variant van spraakassistent Siri vereisen de rekenkracht van de meest recente processoren. Wie echt gebruik wil maken van de nieuwste kunstmatige intelligentie ontkomt dus niet aan een gang naar de winkel. Voor de grote groep gebruikers die alleen maar een betrouwbare en snelle telefoon verlangt biedt deze update echter een welkome verlenging van de levensduur, zonder dat daar direct een nieuwe investering tegenover staat.
