Techgigant Oracle schrapte wereldwijd 21000 banen en Pinterest snoeide fors in het personeelsbestand onder het mom van innovatieve plannen. Ook in Nederland haalde e-commerceplatform Helloprint het nieuws met het bericht dat het zijn personeelsbestand halveerde door de inzet van kunstmatige intelligentie. De boodschap die bedrijven hiermee verspreiden is helder maar onjuist, want de robots komen jouw baan helemaal niet overnemen. We zijn getuige van een nieuwe trend genaamd AI washing (het ten onrechte gebruiken van kunstmatige intelligentie als hippe marketingterm om slechte resultaten te verhullen). Bedrijven gebruiken software als het ultieme PR-scherm om traditionele saneringen, krimpende markten, stijgende kosten en strategische misstappen te verbergen. Dit misbruikt de publieke opinie en jaagt werknemers onnodig angst aan voor een technologie die er in de praktijk vaak niets mee te maken heeft.
Uit grootschalig arbeidsmarktonderzoek van onder andere Oxford Economics en The Yale Budget Lab blijkt dat er op macroniveau simpelweg geen grote verschuivingen in de banenmarkt te zien zijn. Onderzoekers analyseerden 3 jaar aan arbeidsmarktdata sinds de lancering van ChatGPT en zij concludeerden dat het overgrote deel van de massaontslagen te wijten is aan traditionele economische oorzaken. In een survey van het Amerikaanse National Bureau of Economic Research onder honderden topbestuurders in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland bleek dat bijna 90% aangaf dat kunstmatige intelligentie nul impact heeft gehad op hun totale personeelsbestand. Het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (de overheidsinstantie die verantwoordelijk is voor het beoordelen van ontslagaanvragen) ziet in de harde realiteit dat stijgende loonkosten door inflatiecorrecties, hoge energieprijzen en algemene economische onzekerheid de echte boosdoeners zijn. Ook bij grote reorganisaties van banken of de banenkrimp bij Heineken is de primaire drijfveer simpele kostenreductie en een veranderende markt. Bij Heineken verdwijnen banen door een wereldwijd dalende bierconsumptie en niet door een algoritme. Bij Helloprint speelt exact dezelfde dynamiek omdat de traditionele printmarkt al jaren onder druk staat en marges krimpen waardoor herstructureren een bittere noodzaak is.
De reden dat directies beweren dat mensen het veld moeten ruimen voor software ligt in de kille dynamiek van reputatiemanagement en de aandelenmarkt. Als een topman tegen investeerders zegt dat hij de markt verkeerd heeft ingeschat of te veel mensen heeft aangenomen, dan klinkt dat als falend management met een kelderende beurskoers tot gevolg. Als diezelfde topman echter beweert dat de organisatie strategisch transformeert naar een efficiënt digitaal bedrijf, dan keert het sentiment op de beurs volledig. Investeerders juichen de innovatiedrang toe en het aandeel stijgt. Zelfs OpenAI-topman Sam Altman uitte hier onlangs felle kritiek op en verweet techbedrijven dat ze software misbruiken als dekmantel voor saneringen die ze om puur financiële redenen sowieso al van plan waren. Vaak worden er mensen ontslagen omdat het bedrijf de loonkosten wil vrijmaken om de astronomisch hoge rekeningen voor computerinfrastructuur te kunnen betalen. Het Amerikaanse schoenenmerk Allbirds zat bijvoorbeeld zwaar in de rode cijfers en lanceerde plotseling een stap naar software waarbij het zijn naam veranderde in NewBird AI om de schijn van een hippe techbelofte op te houden.
Dat het argument van vervanging door software vooral een marketingverhaal is, blijkt ook uit de Nederlandse wetgeving. In Nederland gaat dit argument juridisch gezien namelijk vrijwel nooit op als zelfstandige ontslaggrond. Wie via de kantonrechter wil reorganiseren, krijgt te maken met de strenge boventalligheidstoets (de wettelijke controle of een arbeidsplaats echt verdwijnt). Om een ontslagvergunning te krijgen, moet een bedrijf met harde accountantsverklaringen kunnen aantonen dat er een structurele bedrijfseconomische noodzaak is, zoals zware verliezen. Kunstmatige intelligentie automatiseert op dit moment namelijk vooral deeltaken zoals het sneller opstellen van een e-mail of het samenvatten van een rapport. Software neemt zelden tot nooit een complete menselijke functie over, waardoor het argument juridisch simpelweg geen stand houdt. Pas als het economisch slecht gaat met een bedrijf, mag je van de rechter reorganiseren en software is vervolgens hooguit de pleister waarmee het resterende team de gaten probeert te dichten.
Het echte gevaar van deze trend is de diepe maatschappelijke en psychologische schade die het aanricht. Door software consequent en onterecht aan te wijzen als de grote boosdoener achter banenverlies, creëren bedrijven een cultuur van achterdocht en actieve weerstand op de werkvloer. Werknemers gaan een technologie die in essentie bedoeld is als een krachtige assistent zien als een existentiële vijand die hun hypotheek in gevaar brengt. Het logische gevolg is dat werknemers de hakken in het zand zetten en onbewust de adoptie van vernieuwing saboteren, terwijl die vernieuwing juist hard nodig is om de productiviteit te verhogen. Het wordt tijd dat we collectief door de corporate verhalen heen kijken, want we worden op de arbeidsmarkt niet massaal vervangen door software, maar we worden ontslagen door oersaaie traditionele economische wetmatigheden en krimpende markten.
