Steeds meer Nederlanders besluiten hun land te verlaten en elders een nieuw bestaan op te bouwen. Achter dit besluit gaat vaak meer schuil dan de romantiek van een zonnig terras of een leven zonder files. Onvrede over de samenleving, hoge woonlasten en een groeiend gevoel van drukte en bureaucratie maken dat duizenden mensen jaarlijks hun koffers pakken. Toch zijn de verhalen niet eenduidig. Sommigen vinden geluk, rust en nieuwe kansen, anderen keren teleurgesteld terug omdat het leven in het buitenland minder ideaal bleek dan gedacht.

De grootste groep die zich blijvend in het buitenland vestigt bestaat uit gepensioneerden die Nederland verlaten om van hun oude dag te genieten in een warmer klimaat. Voor hen spelen factoren als gezondheid, een lager prijspeil en een trager leefritme een grote rol. Spanje, Portugal en Frankrijk zijn al decennialang de klassieke bestemmingen, maar ook Turkije en landen in Oost Europa worden steeds populairder. In Hongarije en Tsjechië kunnen gepensioneerden met een Nederlands pensioen veel meer uitgeven dan thuis, terwijl de medische zorg daar nog altijd toegankelijk is. Voor velen voelt dit als een overwinning, al blijft de afstand tot familie en vrienden een kwetsbaar punt. Uit onderzoeken blijkt dat driekwart van de gepensioneerden die emigreert nooit meer van plan is terug te keren, maar ook dat een aanzienlijke minderheid na enkele jaren alsnog heimwee krijgt en teruggaat.

Naast de pensioenmigranten zien we een andere groeiende groep die zich buiten Nederland waagt, de digitale nomaden. Deze vaak jonge professionals werken via internet en kunnen overal wonen waar een stabiele verbinding beschikbaar is. Zij zoeken avontuur, lagere vaste lasten en een leven dat niet wordt bepaald door kantooruren of vaste patronen. Landen als Thailand, Bali en Portugal trekken deze groep aan omdat daar zowel de levenskwaliteit als de kosten gunstig zijn. Het succes van deze migranten hangt sterk af van voorbereiding en flexibiliteit. Wie goed weet hoe belastingregels werken, een buffer heeft en zich kan aanpassen aan culturele verschillen kan jarenlang rondreizen zonder noemenswaardige problemen. Maar wie zonder plan vertrekt kan in de knel raken door visumkwesties, onregelmatige inkomsten of eenzaamheid.

Dan zijn er de jonge hoger opgeleiden die uit onvrede met de kansen op de Nederlandse arbeidsmarkt elders hun geluk beproeven. Vooral in sectoren als technologie, wetenschap en gezondheidszorg zijn er mogelijkheden in landen als Duitsland, Scandinavië of het Verenigd Koninkrijk. Zij verhuizen niet per se omdat zij Nederland willen ontvluchten, maar omdat de beloning en ontwikkelingsmogelijkheden elders aantrekkelijker zijn. Vaak keren zij na enkele jaren met meer ervaring terug, al is het de vraag of ze in Nederland dezelfde waardering vinden die hen aanvankelijk deed vertrekken.

Naast deze drie herkenbare groepen zijn er ook mensen die emigreren vanuit heel persoonlijke motieven. Een relatie met een partner uit een ander land, een verlangen naar avontuur of de wens om los te breken van een maatschappij waarin men zich niet meer thuis voelt. Voor hen kan het buitenland een bevrijding zijn maar net zo goed een bron van teleurstelling. Het blijkt vaak lastiger om sociale netwerken op te bouwen, en de confrontatie met cultuurverschillen kan zwaar wegen. Toch blijkt dat wie emotioneel flexibel is en een open houding heeft vaker succesvol integreert.

De terugkeer naar Nederland is een onderbelicht onderdeel van dit verhaal. Ongeveer een derde van de emigranten besluit uiteindelijk toch terug te keren, vaak omdat het leven in het buitenland niet bracht wat men ervan verwachtte. Soms spelen praktische zaken als gezondheidszorg of juridische regels een rol, soms is het simpelweg heimwee of het gemis van kinderen en kleinkinderen. Terugkerende Nederlanders merken dat herintegreren moeilijker kan zijn dan verwacht. De woningmarkt is krap, administratieve procedures zijn omslachtig en het land is veranderd tijdens hun afwezigheid. Het idee dat je eenvoudig terug kunt vallen op je oude leven blijkt vaak een illusie.

Toch blijven de cijfers laten zien dat het aantal emigranten toeneemt. CBS registreerde in 2022 bijna 180 duizend mensen die Nederland verlieten, waarvan ruim 40 duizend Nederlanders met een paspoort. OECD cijfers laten zien dat vooral Spanje, België en Duitsland in trek zijn, gevolgd door landen verder weg zoals de Verenigde Staten en Australië. Wat opvalt is dat de motieven uiteenlopen, maar telkens terugkomen op een gevoel van grip en vrijheid. Waar de één rust en zon zoekt, verlangt de ander naar kansen en avontuur.

Succes of mislukking van een emigratie hangt dan ook niet zozeer af van het land van bestemming, maar van de voorbereiding en de realistische verwachtingen. Wie zich goed verdiept in kosten, zorg, sociale netwerken en culturele verschillen, heeft een grotere kans om tevreden te blijven. Wie alleen vlucht uit onvrede zonder een plan, loopt een groter risico op teleurstelling.

Nederlanders die emigreren zijn daarmee een spiegel van een samenleving die steeds meer spanning kent. De drukte, de huizenmarkt, de regeldruk, de verharding in het politieke debat, ze zijn allemaal factoren die mensen ertoe brengen hun geluk elders te zoeken. Sommigen vinden dat geluk in Spanje aan de kust, in een dorp in Hongarije of in een Thaise stad met tropische warmte. Anderen keren terug, verrijkt met ervaring maar ook bewust dat een ideaal leven vaak minder maakbaar is dan gedacht.

Emigreren is daarmee geen vlucht en geen garantie op succes, maar een zoektocht naar balans tussen verwachtingen en realiteit. Het is een keuze die steeds meer Nederlanders maken en die tegelijkertijd laat zien hoe groot de behoefte is aan verandering, of dat nu in het buitenland of juist in Nederland zelf gerealiseerd moet worden.

,