Je scrolt gedachteloos door je nieuwsfeed, en voor je het weet heb je binnen vijf minuten iets gelezen over smeltende ijskappen, dreigende oorlog, een pandemievariant, politieke instabiliteit en AI die banen overneemt. Je zet je telefoon weg, probeert een banaan te eten en denkt: moet ik me hier zorgen over maken, of negeer ik het gewoon?
Welkom in het tijdperk van permanent crisisdenken.
De verschuiving van incident naar sfeer
Vroeger volgde het nieuws een ritme. Er was een ramp, een periode van rouw of herstel, en daarna ging het leven verder. Tegenwoordig lijkt het alsof dat ritme is verdwenen. Er is altijd wel iets aan de hand. De pandemie heeft dit besef versneld. Niet alleen doordat COVID19 lang duurde, maar vooral omdat het nieuws ineens niet meer stopte. Crisis werd de norm.
Psycholoog Adam Grant noemt dit fenomeen languishing een toestand waarin we niet depressief zijn, maar ook niet floreren. Het constante bombardement aan alarmsignalen vaak zonder praktische handvatten laat ons hangen in mentale mist.
Nieuws als stressmachine
Volgens onderzoek van de American Psychological Association uit 2023 geeft 67 procent van de mensen aan dat het nieuws een negatieve invloed heeft op hun mentale welzijn. Deels omdat het steeds vaker niet om concrete informatie gaat, maar om voortdurende waarschuwingstaal. Krantenkoppen gebruiken woorden als “dreigend”, “versnellend”, “kantelpunt”, “onomkeerbaar”. Woorden die ons niet informeren, maar activeren. Of liever: alarmeren.
Neurologisch gezien is dat begrijpelijk. Ons brein is ontworpen om te reageren op gevaar. Maar als gevaar altijd aanwezig is, schakelt ons systeem niet meer uit. Dat heet amygdala hijacking een toestand waarin de hersenen permanent in een overlevingsmodus verkeren.
Wat doet dat met ons wereldbeeld
Als je dag na dag berichten ziet over onoplosbare problemen, verandert dat je perceptie van de wereld. Je krijgt het idee dat niets zin heeft, dat alles onbetrouwbaar is, dat het toch wel misgaat. Dit noemen communicatiewetenschappers crisis fatigue. En ironisch genoeg leidt dat niet tot meer actie, maar tot passiviteit.
In het boek How to Do Nothing pleit Jenny Odell voor een radicaal alternatief: kies bewust voor selectieve informatieconsumptie. Niet om je af te sluiten, maar om mentaal ruimte te maken voor reflectie en betekenisvol handelen.
De rol van media en algoritmes
Nieuwsorganisaties en socialmediaplatforms weten dondersgoed dat angst verkoopt. Studies van MIT en Stanford wijzen uit dat berichten met negatieve framing 30 tot 50 procent vaker gedeeld worden dan neutrale of positieve berichten.
Ook algoritmes hebben daar invloed op. Ze pushen content waar je langer bij blijft hangen en je blijft nu eenmaal langer hangen bij een brandend huis dan bij een bloeiende tuin.
Het resultaat: een mediabubbel die ons niet alleen informeert, maar ook vormgeeft. We consumeren niet alleen nieuws, we worden door het nieuws geconsumeerd.
Wat kunnen we doen
De oplossing ligt niet in compleet afkappen van informatie, maar in het terugnemen van regie. Curateer je informatie. Kies langzame bronnen zoals De Correspondent, 360 Magazine of buitenlandse weekbladen. Gebruik apps als Ground News die media vanuit meerdere perspectieven tonen. Of maak een fysieke krant van je favoriete online artikelen via diensten zoals PaperLater.
En misschien wel het belangrijkste: sta toe dat je niet alles hoeft te weten. Niet elk probleem is jouw verantwoordelijkheid. Maar je hebt wél de verantwoordelijkheid om mentaal gezond en empathisch te blijven. Want daar heeft deze wereld het meeste aan.
